Democratisering van het Sumatraplantsoen

Connect houdt zich dagelijks bezig met participatie. Of het nu gaat om de komst van een nieuwe woonwijk of het zoeken naar een juist alternatief voor dijkversterkingen. Met het oog op kennisdeling gaan we graag in gesprek met andere professionals over hun participatie-ervaringen. In dit geval zijn dat Willemijn Luchtenbelt en Martien van Rijn van gemeente Amsterdam.

Zij werken aan een waar democratiseringstraject (lees: co-creatie) met buurtbewoners van het Sumatraplantsoen in Amsterdam-Oost. Een inspirerende case, met belangrijke lessen om de omgeving eigenaar te maken van het participatietraject.

  

Even voorstellen ...

Willemijn Luchtenbelt is omgevingsmanager voor gemeente Amsterdam. Ze houdt zich bezig met het herinrichten van pleinen, straten en plantsoenen in Amsterdam-Oost. Participatie is een onlosmakelijk deel van haar werk. “De manier waarop we participatie kunnen aanjagen is in ieder project verschillend. In projecten waar allerlei kaders vaststaan, ben ik vooral de buurt aan het informeren. Bij het Sumatraplantsoen hebben we minder kaders. Dat maakt het zo’n ontzettend leuk project. We zijn echt bezig om samen met buurtbewoners een ontwerp te maken.”

Martien van Rijn is gespecialiseerd in het mobiliseren van bewoners en ondernemers om samen met de gemeente antwoorden te vinden op complexe vraagstukken. “Hiervoor heb ik samen met een collega een aanpak van democratisering ontwikkeld. Democratisering kun je vergelijken met co-creatie. In deze aanpak ga je samen met de omgeving in kleine stappen hardnekkige problemen doorbreken en zichtbaar maken.”

  

Starten met een blanco blad en een sociale agenda

De droom of misschien wel de grootste uitdaging voor professionals die zich bezighouden met participatie is een project starten met een blanco blad. Hoe hebben jullie dat bij het Sumatraplantsoen gedaan?

Martien: “Het Sumatraplantsoen ligt in een achterstandswijk waar veel diversiteit tussen bewoners is. Ook speelt er al lang een veiligheidsprobleem, waardoor veel bewoners niet hun tijd doorbrengen op het plantsoen. We zijn het proces daarom vanuit een sociale kant aangevlogen, op het tempo van de omgeving. Zodat we straks niet alleen een mooi, nieuw plantsoen hebben maar ook een veiligere wijk waar buurtbewoners fijn met elkaar samenleven. Het spreekt voor zich dat deze werkwijze omarmd wordt door de verantwoordelijk bestuurder. De portefeuillehouder openbare ruimte Rick Vermin is een warm voorstander van het actief betrekken van bewoners bij gemeentelijke plannen.”

Willemijn: “De aanvlieging is heel bijzonder van dit project. Martien en haar collega Mohamed zijn eerst gewoon op het plantsoen gaan zitten en korte gesprekken met buurtbewoners aangegaan. Hierdoor hebben ze achterhaald wie er allemaal gebruikmaken van het plantsoen en hoe deze groepen samenwerken. Pas veel later hebben ze geproken over de plannen om samen een ontwerp te maken voor de herprofilering van het plantsoen.”

Martien: “Dat klopt. We zijn gemiddeld twee tot drie dagen per week op locatie. In het begin dachten buurtbewoners dat we net in de wijk waren komen wonen. Maar het helpt om gesprekken aan te knopen voordat je aan de slag gaat. Wij dachten bijvoorbeeld dat ouderen niet naar het plantsoen kwamen omdat ze bang waren voor de jongeren op scooters. Al pratende bleek dat ze vonden dat de bankjes te laag waren. Dat hadden we zelf nooit kunnen bedenken. Daarom noem ik onze aanpak ook geen participatie. Wij proberen echt op gelijke waarde en voet te komen met de gebruikers en de bewoners.”

Buurtbewoners verzamelen zich bij een draaiorgel.

Maak de buurt eigenaar van het plantsoen

Hoe kom je op gelijke voet met buurtbewoners? Martien schetst de genomen stappen: “De eerste maanden hebben we passief meebewogen met alles wat er in de buurt gebeurde. Daarna gingen we contacten leggen en zijn we begonnen met het mobiliseren van de buurt om mee te denken. Onze acties voor mobilisatie kwamen voort uit de gesprekken met de buurt. We hebben bijvoorbeeld na een gesprek met de oudste buurtbewoner een feest georganiseerd om zijn 95ste verjaardag te vieren. Door activiteiten voor jong en oud op te zetten, was er een hele diverse opkomst. Dat was het moment dat we het gingen hebben over het aanpakken van het plantsoen. Daarna kwam Willemijn als omgevingsmanager erbij en zijn we begonnen met het formeren van themagroepen om invulling te geven aan het ontwerp. In deze themagroepen zaten buurtbewoners, een ambtenaar vanuit de gemeente en één van ons. Met de input uit de themagroepen zijn we weer de straat op gegaan om te polsen hoe de hele wijk erover denkt. Daarbij hebben we altijd deelnemers van de themagroepen het woord laten doen. Ook zijn we alvast gaan experimenteren met een aantal ideeën om te laten zien dat we echt wat met de input doen. Hierdoor is de hele buurt zich eigenaar gaan voelen van het plantsoen.”

Activiteiten voor jong en oud brengt de buurt bij elkaar.

Zie de buurt als expert, en beleef dat intern ook zo

Participatie is toch vaak een kwestie van plannen voorstellen en advies vragen voor aanscherpingen. Waar moet je rekening mee houden als het uitgangspunt 180 graden draait?

Martien: “Bij gemeenten en ingenieursbureaus denken professionals nog vaak dat zij meer expert zijn. Een reflex van ‘wij weten het beter’ is snel gemaakt. Maar de experts wonen aan het plein. Zij komen daar en weten hoe het gebruikt wordt. Hierdoor ligt er nu een heel ander ontwerp met vernieuwende oplossingen waar we zelf nooit aan hadden gedacht. Het is dus belangrijk dat we zulke kwesties meer met bewoners durven op te pakken. Hiervoor hebben we ook allerlei sessies intern gedaan. We zijn voortdurend met elkaar aan het leren in dit proces. Het is een do-act cirkel.”

Willemijn: “Een mooi voorbeeld van onze lerende aanpak is het fietspad naast de school. In het eerste ontwerp was het idee om daar een rijbaan van te maken. Dat riep veel reactie op in de buurt, want sommige bewoners vonden dit een onveilige keuze. Hierdoor hebben we de verkeerscommissie van de gemeente op het plantsoen uitgenodigd om in gesprek te gaan met voor- en tegenstanders. Samen gingen ze bekijken wat de beste oplossing zou zijn. Uiteindelijk was de conclusie om het fietspad te behouden.”

Buurtbewoner op de foto met de kernwaarden van het Sumatraplantsoen.

Democratiseren vergt tijd

Terugkijkend op het proces, wat zouden jullie nu anders hebben gedaan?

Willemijn: “Deze vorm van participatie vergt veel tijd. Het opbouwen van een relatie met de buurt en het ophalen van wensen duurt langer dan in een ‘normaal participatietraject’. Je kunt daarom beter het projectteam iets later laten aanhaken. Martien en Mohamed waren nog volop bezig met het opbouwen van een relatie in de buurt terwijl het projectteam de opdracht had gekregen al te gaan starten met ontwerpen.” Martien: “Dat klopt. Als het projectteam meteen start, wordt het kostbaar. Zij werden door ons in de wacht gezet. In een volgend traject zou ik pas op het moment dat we bij de themagroepen aankomen het projectteam betrekken. Dat had voor ons een klein jaartje kunnen schelen aan inzet van het projectteam.”

Tips voor je eigen participatietraject

Wat moeten we van deze case meenemen om andere participatietrajecten te laten slagen?

Willemijn: “Luister naar het verhaal van de omgeving. Dat doen we eigenlijk nog te weinig. We zijn nog te veel vanuit het kantoor en de tekentafel aan het beredeneren. Probeer het verhaal van de buurt te begrijpen en dat op de juiste manier te verwerken in een ontwerp. En wees dan ook niet bang om mensen bij elkaar te zetten die andere meningen hebben. Ga gewoon het gesprek aan. Dan neem je mensen op een oprechte manier serieus.”

Martien: “Probeer te organiseren dat je blanco het proces in gaat. Durf dat en probeer dat lef bij bestuurders te krijgen. Wees niet bang dat het uit de hand gaat lopen. Bewoners maken vanzelf ook een realistische slag in de plannen. Ze zijn niet gek. En ik zeg bij alles als het om complexe problemen gaat: doe het vanaf de plek. Daar ligt het antwoord.”

Meer weten over deze inspiratie?

Neem contact op met Dominique